Oudere ziekenhuispatiënten zijn kwetsbaar voor de nadelige gevolgen van ziekenhuisverblijf, zoals functionele achteruitgang, algehele verslechtering en opname in langdurige zorg. In vergrijzende samenlevingen werden om die reden programma’s voor post-acute zorg ontwikkeld die hun functionele herstel ondersteunen wanneer ziekenhuisverblijf heeft geleid tot ernstige achteruitgang.
De studies in dit proefschrift zijn gericht op het proces van doorverwijzing van oudere of kwetsbare ziekenhuispatiënten naar geriatrische revalidatie (GR). Geriatrische revalidatie bestaat uit multidisciplinaire zorgprogramma’s, die revalidatieverpleging, fysiotherapie, ergotherapie, voedingszorg, psychosociale
ondersteuning, logopedie en ouderengeneeskundige behandeling omvatten.
Deze programma’s zijn specifiek gericht op oudere, kwetsbare of multimorbide patiënten die lijden aan acute functionele achteruitgang, bijvoorbeeld als gevolg van trauma, orthopedische chirurgie, amputatie, neurologisch trauma of beroerte. Ook patiënten die moeten herstellen van een infectie, andere medische aandoeningen of een intensieve oncologische behandeling kunnen opgenomen worden voor GR wanneer fysieke conditie en functionele status ernstig zijn aangetast.
Een enquête over geriatrische revalidatie in Europese landen
toonde aan dat de gemiddelde leeftijd van deze revalidanten 80 jaar was (SD 4,1). De GR-capaciteit en de duur van het GR-verblijf varieerde aanzienlijk tussen landen, van 70 bedden per 100.000 inwoners (België) tot 10 per 100.000 (Duitsland). De gemiddelde verblijfsduur varieerde tussen 7 en 65 dagen. Sinds 2013 is geriatrische revalidatie in Nederland verzekerde zorg; jaarlijks worden meer dan 50.000 GR-trajecten geregistreerd.
Zorgverzekeraars vereisen een medische indicatie voor elke patiënt die wordt opgenomen in GR en houden zorgcentra die revalidatie aanbieden verantwoordelijk voor duur en uitkomst van de GR-trajecten. Het in aanmerking komen voor geriatrische revalidatie en de besluitvorming over deze verwijzing, triage, is het onderwerp van dit proefschrift.
Meer dan 90% van alle GR-patiënten wordt opgenomen na een verblijf in het ziekenhuis. In het ziekenhuis beoordelen de transferverpleegkundigen, die gespecialiseerd zijn in transitiezorg, of patiënten in aanmerking komen voor GR en stellen ze kandidaten voor aan de GR-zorginstellingen. In een onbekend aantal gevallen worden deze opnames geweigerd door de GR-zorginstelling vanwege het ontbreken van haalbare revalidatiedoelen, complexiteit van de zorgvraag of vanwege medische instabiliteit. De uitkomst van triagebeslissingen in ziekenhuizen kan een bron van spanning zijn tussen verwijzers en ‘ontvangende’ zorgverleners, mede omdat professionele verantwoordelijkheden niet duidelijk zijn omschreven. Interprofessionele consensus over de besluitvorming bij GRverwijzing, gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek naar triagefactoren, zou de samenwerking in deze transitiezorg kunnen ondersteunen en daarnaast evaluatie van de GR-patiëntenstroom, de casemix en de revalidatieresultaten mogelijk maken.
Het triage-instrument voor geriatrische revalidatie dat in 2013 door Verenso, de
beroepsvereniging van specialisten ouderengeneeskunde, werd ontwikkeld noemde zes voorwaarden of criteria om in aanmerking te komen voor GR: 1.) kwetsbaarheid, 2.) revalidatiebehoeften, 3.) een positieve functionele prognose zodat terugkeer naar de oorspronkelijke woonsituatie kan worden verwacht, 4.) vermogen om te leren van revalidatiebehandeling, 5.) voldoende uithoudingsvermogen om te trainen en 6.) motivatie om actief deel te nemen aan de revalidatiebehandeling.
Na de introductie van kortdurende herstelzorg (STRC, ‘Eerstelijnsverblijf’) in 2017 is vervolgens een beslishulp ontwikkeld voor meerdere typen kortdurende herstelgerichte zorg. Noch het Verenso triage-instrument noch de STRC-beslishulp is sindsdien geëvalueerd.
In dit proefschrift is de wetenschappelijke kennis onderzocht die ten grondslag ligt aan een beslissing tot verwijzing naar GR (‘triagebesluit’) en aan het onderzoek om de geschiktheid voor geriatrische revalidatie te beoordelen, het ‘triage assessment’. We hebben triage primair bestudeerd als een taak die professionele expertise vereist. Het transmurale samenspel en de organisatorische dilemma’s die samenhangen met de transitie van ziekenhuis naar post-acute zorg is daarbij als tweede invalshoek naar voren gekomen. Deze uitgangspunten kenschetsen triage voor GR als een professionele taak, die verweven is met aspecten die individuele patiëntenzorg overstijgen.
De onderzoeksvragen waren:
- Welke houding en overwegingen hebben oudere patiënten bij ontslag uit het ziekenhuis ten aanzien van nazorg?
- Welke factoren, instrumenten en methoden met betrekking tot het doorverwijzen van ziekenhuispatiënten naar GR worden in de medische literatuur besproken?
- Wat zijn de kenmerken van ziekenhuispatiënten die naar GR worden verwezen in vergelijking met patiënten die niet worden verwezen?
- Welke ziekenhuis- en/of revalidatieprofessionals zijn betrokken bij de besluitvorming over GR-verwijzingen en welke triage-items en -methoden worden gebruikt?
- Wat zijn de kernelementen van een optimaal proces van verwijzing naar GR in Nederland?
Met de resultaten van deze verkennende triagestudies werd beoogd bij te dragen aan de kwaliteit van de besluitvorming in het triage proces. De uitkomsten van de studies vormen de basis voor een conceptueel model van de professionele en organisatorische aspecten van triage voor geriatrische revalidatie.
Lees hier het hele proefschrift
Auteur: Dr. Aafke de Groot
